Informatie vanaf 12 jaar

- Stereotypen
- Vooroordelen
- Discriminatie
- Racisme
- Racistische organisaties
- Fascisme
- Wat doet Ieder1gelijk?
- Wat je zelf kan doen?

Stereotypen
De volgende beelden komen je wellicht niet onbekend voor: Afrikanen in rieten rokjes en met botjes in hun neus en dikke lippen, Nederlanders op klompen met een tulp in hun hand, oude vrouwtjes die zitten te breien in een schommelstoel. Het zijn stereotypen: overdreven beelden van groepen die niet kloppen met de werkelijkheid. In boeken, films, reclame en cartoons kom je regelmatig stereotypen tegen. Sommige beelden zijn positief, andere zijn negatief. Ze gaan in elk geval over anderen. Degene over wie het gaat herkend zichzelf vaak niet in het beeld dat over hen wordt geschetst. En dat is niet vreemd: als je erop let en er goed naar kijkt, zijn stereotypen vaak erg simplistisch. Het wordt lastig als je in het dagelijks leven te maken hebt met de gevolgen van de beelden die bestaan over de groep waar jij bij hoort.

Vooroordelen
Je hebt geen woord gezegd en geen vin verroerd en toch word je met scheve ogen aangekeken. Ken je dat gevoel? Dat kan bijvoorbeeld zijn omdat je niet de juiste schoenen draagt, omdat de kleur van je huid donker of licht is, omdat je jong bent, omdat je in een rolstoel zit, omdat je er erg jongensachtig uitziet voor een meisje of juist meisjesachtig voor een jongen. Er zijn vele voorbeelden te bedenken. Op grond van iets wat iemand aan je ziet of meent te zien, trekt hij of zij direct conclusies over wat en hoe jij bent. Je hebt hier te maken met vooroordelen.

Bij een vooroordeel gaat het om een mening die mensen al bij voorbaat in hun hoofd hebben, zonder te weten of het eigenlijk wel zo is. Vaak gaat het dan om ideeën over een groep mensen; aan alle mensen van die groep wordt dezelfde eigenschap toegeschreven. Meestal gaat het dan om een negatieve eigenschap. Voorbeelden van vooroordelen zijn uitspraken als: 'Nederlanders zijn gierig', 'Belgen zijn dom', 'Marokkanen zijn crimineel' of 'meisjes hebben geen verstand van techniek'. Soms lijkt een vooroordeel positief: 'zwarte mensen kunnen goed dansen'. Zo'n uitspraak is misschien aardig bedoeld, maar het klopt niet. Niet iederéén die zwart is, kan goed dansen.

Vooroordelen, negatief of positief, zijn vaak gewoon niet waar en dat is ook te bewijzen. Maar vooroordelen zijn hardnekkig; ze worden steeds maar weer herhaald, soms tegen beter weten in. Elke keer als blijkt dat een vooroordeel niet waar is, hoor je: 'Ja, maar dat is een uitzondering'. De enkele keer dat een vooroordeel bevestigd wordt, is dat een bewijs voor het gelijk: 'Zie je wel'.

Vooroordelen zijn vaak niet waar en toch heeft iedereen vooroordelen. Ze komen ook regelmatig voor in gesprekken bij de kapper, in de trein of op feestjes. Het is niet helemaal te vermijden en het is ook niet direct een drama. Toch is het belangrijk om alert te zijn, want vooroordelen kunnen vervelende gevolgen hebben wanneer mensen ernaar handelen of niet openstaan voor een persoon, omdat hun mening al vaststaat. Dat maakt vooroordelen veelal ook pijnlijk. De persoon in kwestie staat eigenlijk buitenspel; er wordt geen enkele moeite gedaan om die persoon te leren kennen. Vooroordelen zijn nog geen discriminatie, maar kunnen er wel toe leiden. Het gevaar van vooroordelen zit vooral in het mogelijke gevolg dat mensen ernaar gaan handelen.

Discriminatie
Discriminatie betekent ongelijke behandeling op grond van kenmerken die er niet toe doen. Dit is in Nederland bij wet verboden. Artikel 1 van de Grondwet luidt:
Allen die zich in Nederland bevinden worden in gelijke gevallen gelijk behandeld.
Discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of op welke grond dan ook, is niet toegestaan.

Behalve aan de genoemde gronden kun je ook denken aan seksuele geaardheid, leeftijd of handicap. Er zijn nog meer wetten waarin het verbod op discriminatie is vastgelegd.Heb jij er iets aan om dat te weten? Jazeker. Ook voor jou geldt dat je niet mag discrimineren én dat jij door de wet wordt beschermd tegen discriminatie, dat wil zeggen dat je je op de wet kunt beroepen als je wordt gediscrimineerd. Je kunt bijvoorbeeld denken aan toelatingsbeleid bij cafés en discotheken of aan sollicitatieprocedures als je een stageplek of een (bij)baan zoekt. Enkele voorbeelden van situaties waarbij sprake is van discriminatie: een jongen mag een discotheek niet in, alleen maar omdat hij Marokkaan is. Of een meisje wordt niet als monteur aangenomen, omdat de garagehouder vindt dat het mannenwerk is. Of een klasgenoot wordt gemeden omdat hij op mannen valt. Of je wordt kleinerend behandeld, omdat je gehandicapt bent.

Dat is allemaal discriminatie.Omdat discriminatie verboden is, wordt er niet zo vaak openlijk gediscrimineerd. De portier van een café zal niet gauw zeggen dat je niet naar binnen mag omdat je een donkere huidskleur hebt, omdat hij dat niet mag zeggen. Soms wordt er dan een smoesje verzonnen. Bijvoorbeeld dat je niet naar binnen mag omdat je sportschoenen aan hebt. Terwijl een witte jongen misschien wel naar binnen mocht met sportschoenen aan! Ook met een smoesje is discrimineren verboden.

Racisme
Met racisme bedoelen we vooroordelen en discriminatie op grond van huidskleur of afkomst. Maar het gaat nog iets verder dan vooroordelen of discriminatie; bij racisme gaat het niet alleen om het denken dat een groep mensen ‘anders’ is en die groep daarom anders behandelen, maar het gaat ook om het idee dat die groep mensen vanwege hun huidskleur of cultuur minder waard is. In de geschiedenis zijn verschillende voorbeelden te vinden. Denk bijvoorbeeld aan de Tweede Wereldoorlog. Er zijn mensen geweest met een lichte huidskleur die vonden dat mensen met een donkere huidskleur minder waard zijn. Er zijn mensen geweest die vonden dat Joden minder waard zijn. Dat is allemaal niet waar: het is onzin. Mensen zijn mensen; iedereen is anders, maar iedereen is evenveel waard. Jammer genoeg kom je racisme nog steeds op verschillende manieren tegen: nare opmerkingen op straat, in de klas, scheldpartijen, gemene teksten op muren of zelfs in de vorm van geweld.

Racistische organisaties
Omdat discriminatie in Nederland verboden is bij wet, zijn er geen politieke partijen die openlijk aangeven dat ze willen discrimineren. Wel zijn er partijen die daar steeds heel dicht tegenaan zitten, de grenzen van de wet opzoeken en soms passeren. Dat geldt ook voor een aantal andere organisaties en groeperingen in Nederland. Er is in Nederland vrijheid van meningsuiting. Maar dat geldt alleen ‘behoudens ieders verantwoordelijkheid volgens de wet’, wat betekent dat er rekening gehouden moet worden met de andere wettelijke rechten en plichten. In de Nederlandse Grondwet zijn basisrechten opgenomen die voor iedereen in Nederland gelden. Er zijn voorbeelden waarbij het verbod op discriminatie botst met de vrijheid van meningsuiting of de vrijheid van godsdienst; in een dergelijke situatie maken rechters elke keer opnieuw een afweging hoe deze grondrechten zich in dat specifieke geval tot elkaar verhouden.

Fascisme
Fascisme is een politieke stroming. Fascisten hoeven geen racisten te zijn, maar vaak is dat wel zo. Het fascisme is gebaseerd op ultranationalistische, autoritaire en onverdraagzame beginselen. Ultranationalistisch wil zeggen zeer sterk nationalistisch: de belangen van het eigen volk gaan voor alles. In een fascistisch land is er maar één politieke partij die het voor het zeggen heeft. Aan het hoofd van die partij staat dan meestal een 'sterke leider', iemand die de absolute macht heeft of alle macht naar zich toe trekt. Anders gezegd: een dictator, zoals bijvoorbeeld Hitler en Mussolini. Iedereen, die laat merken dat hij het niet met de regering eens is, wordt opgesloten in de gevangenis of vermoord. De kranten, de radio en de televisie staan onder strenge controle van de regering. Het fascisme was in Europa vooral sterk tussen 1920 en 1945. De 'uitvinder' van het fascisme was Mussolini, die in Italië aan de macht was. Later nam Adolf Hitler in Duitsland de ideeën van Mussolini over.

De Duitse vorm van fascisme heette 'nationaal-socialisme'. Een opvallende eigenschap van dit nationaal-socialisme was vooral de sterke haat tegen joden. Onder Hitler zijn miljoenen joden en andere mensen vermoord. Het agressieve nationalisme van Hitler leidde uiteindelijk tot de Tweede Wereldoorlog.

Wat doet Ieder1gelijk?
Ieder1gelijk wil alle vormen van discriminatie bestrijden. Daarbij kan het gaan  om discriminatie op grond van bijvoorbeeld herkomst, sekse, leeftijd, handicap of seksuele voorkeur. Je kunt bij het  bureau terecht als je zelf slachtoffer van discriminatie bent, maar ook als je daar getuige van bent geweest. Ieder1gelijk geeft de benadeelde steun bij de aanpak ervan. Soms blijkt het discriminatieaspect moeilijk te bewijzen. Toch kan het inschakelen van het Ieder1gelijk in zo' n geval nuttig zijn. De praktische problemen kunnen vaak uit de weg worden geruimd.

Omdat er verschillende vormen van discriminatie zijn, kiest Ieder1gelijk ook steeds andere middelen om discriminatie te bestrijden. Veel problemen kunnen worden opgelost met een bemiddelingsgesprek tussen de verschillende partijen. Maar als het nodig is, helpt Ieder1gelijk ook bij het doen van aangifte bij de politie. Naast ondersteuning en klachtbehandeling doet het Anti Discriminatie Bureau veel aan voorlichting om mensen bewust te maken van discriminatie. Het doel is dat zoveel mogelijk mensen kritisch nadenken over de vooroordelen die zij hebben en zichzelf de vraag stellen of zij discrimineren. Hiermee kan worden bereikt dat discriminatie minder vaak voorkomt.

Wat je zelf kan doen
Zeg er iets van als iemand in het wilde weg de meest stuitende dingen over (groepen) mensen beweert die kwetsend of discriminerend zijn. Soms is het heel effectief om vragen te stellen als: hoe kom je daar nou bij? Heb je het zelf meegemaakt? Wie heeft je dat verteld en hoe weet diegene dat dan? Vaak doen verhalen de ronde die na drie keer te zijn doorverteld al heel anders en veel extremer klinken dan de originele versie. Soms kun je ook gemakkelijk de angel eruit trekken: als iemand zit te schelden op de Turkse buren, kun je zeggen dat jij ook last hebt van je buren, maar dat zijn Nederlanders. Het is dus een overlastprobleem en geen kwestie van Turks of niet.

Als je niks durft te zeggen, kan je bijvoorbeeld ook opstaan en weglopen. Zeg dan wel waarom je wegloopt, bijvoorbeeld omdat je geen zin hebt om naar die discriminerende onzin te luisteren. Zonder op elke slak zout te willen leggen, zijn grappen over groepen mensen wel een aandachtspunt. Grappen over andere groepen mensen kunnen wel degelijk discriminerend of racistisch zijn. En dat soort uitlatingen gaan altijd ten koste van anderen, ook als het grap is.

Daarnaast is het belangrijk dat je, ook als je niet perse hulp nodig hebt, incidenten meldt bij Ieder1gelijk. Als zoveel mogelijk mensen dat doen, dan is Ieder1gelijk goed op de hoogte van wat er gebeurt en speelt. Als er veel klachten komen over bepaalde vormen van discriminatie, dan stelt Ieder1gelijk een onderzoek in. Je kunt hierbij bijvoorbeeld denken aan een discotheek die nogal selectief bezoekers lijkt toe te laten of een school die het dragen van hoofddoeken verbiedt of zich tenminste niet neutraal opstelt ten aanzien van moslimmeiden met een hoofddoek. Daarnaast krijgt Ieder1gelijk ook meldingen van discriminerende bekladdingen, leuzen, hakenkruizen en graffiti. Heb je zulke bekladdingen gezien, meld dat dan. Ieder1gelijk zorgt ervoor dat de bekladding wordt weggehaald.

Tot slot kun jij natuurlijk ook in jouw omgeving het bestrijden van racisme en discriminatie op de agenda zetten! Praat met anderen over vooroordelen en discriminatie, schrijf er een werkstuk over, breng je docent op het idee om Ieder1gelijk uit te nodigen voor een gastles of vraag die vrouw of man uit het buurthuis of van je sportvereniging om met Ieder1gelijk een video- of discussieavond te organiseren.